Waarom wacht ik toch steeds maanden om de laatste episode van een trip te schrijven? Ik weet het echt niet. Op een gegeven moment is er geen inspiratie meer en gaat de tijd naar andere dingen. We hebben de laatste maanden – sinds onze thuiskomst half februari – natuurlijk niet stilgezeten. Grote opruimacties, ons appartement in Antwerpen in orde zetten, het huis van mijn grootmoeder schilderen en allerlei klusjes doen. Soms zien we door het bos de bomen niet meer. En ondertussen moeten we onze 100% remote business Stormlabs draaiende houden, met een pivot naar AI. Allez kijk, excuses genoeg om niet te schrijven. Ik had deze avond ook helemaal geen inspiratie, zoals gewoonlijk. Maar na meer dan een uur doelloos ‘opruimen’, lees: spullen van de ene kant naar de andere kant schuiven, ben ik toch eens gaan kijken naar de foto’s van 17 januari. Daar waar de vorige post gestopt is… Het duurde even, maar na een foto of tien beginnen de herinneringen te komen en begint het verhaal te vloeien… Dus, waar waren we gebleven?
16 januari – Afscheid van de turtletjes
Deze keer voor een lange tijd, nemen we afscheid van Forger en Owen. Op de plek waar we vorig jaar zaten te wachten op Tom, die helaas door een platte band mijn verjaardag miste. De AL-3407 nabij Tabernas geeft nog steeds de beste views. Elke bocht biedt een fantastisch uitzicht. Je staat vlak naast de weg, maar er passeert rond deze tijd van ’t jaar geen kat. Af en toe een auto of een motard. Je kan heel deze afstand via de autosnelweg doen in enkele minuten, dus deze weg wordt enkel gebruikt door mensen die er effectief willen zijn, en er zijn nergens huizen. Hier zitten we weer goed.

Het zonovergoten uitzicht was van korte duur, want we werden toch wel verrast door regen. Dju, net toen ik mijn achterlicht wou fixen. Zoals eerder ook al gebeurde, is er een contact geroest waardoor de pinkers, stoplichten etc. niet meer betrouwbaar werken. Beetje gevaarlijk toch, maar wel een lastig probleem. Enfin, dat is dus voor later. We zoeken weer de knusheid van Owen & Forger hun gele schildpad op. Onze lever heeft het weer geweten…

Met z’n tweetjes weer op pad (ok, vier, sorry Moya & Siggy) vinden we een plek vlakbij de Sierra de Alhamilla – vrij vertaald: bergen tussen ons en de zee. En dat hebben we geweten met plots vriestemperaturen ’s nachts. Nigel precies een frisco.

De dag ervoor waren we vroeg gestopt om nog een poging te doen om het achterlicht te fixen. Geen zin om de aandacht van de Guardia Civil te trekken… Het was wel wat zoeken, maar uiteindelijk is het wel gemaakt, deze keer definitief, door het verroeste contact volledig te bypassen met een nieuwe bekabeling. Field repairs, noemen ze dat.

18 januari – Ruta de la Mineria de Bédar
We sukkelen dan toch weer op een prachtige plek. In de buurt van Bédar parkeren we in een typisch half afgewerkte Urbanization. Na veel vijven en zessen stonden we eindelijk min of meer recht op een doodlopend stuk straat om dan te constateren dat ze het internet weer vergeten aan te sluiten waren op de mast. We kunnen ondertussen toch zeggen dat onze provider Orange het minst goede netwerk van heel Spanje heeft. We proberen het even verderop, we staan vlak naast de weg – niet zo heel druk, maar toch – bij een verlaten mijngebouw. Er zijn ook veel auto’s met bezoekers. Hmmm, het internet is er wel, maar de plek zelf vinden we maar niks. Toch even kijken wat er te doen valt: een wandeling doorheen het mijngebied – ok, nu wordt het interessant. We blijven staan, voor de wandeling (en het internet, mast staat aan de overkant van ’t straat)

Eerst door de oude spoortunnel. Haja, een trein om de ontgonnen materialen te transporteren. Wrong! Op ’t einde van de 19e eeuw was hier een enorm lange kabelbaan tussen de mijn en de haven van Garrucha. Moet wel impressionant geweest zijn. Er schiet vandaag natuurlijk niet veel van over. Maar men heeft hier hard z’n best gedaan om historische foto’s te plaatsen op de juiste punten, en zo kan je toch nog zien wat de restanten vroeger geweest zijn.


De wandeling van 7.6 km was echt de moeite. Blij dat het internet niet werkte in de woonwijk eerder.
19 januari – Terug naar zee
We keren op onze schreden terug en bollen weer naar zee. Hopelijk vinden we een plekje dat we nog niet kennen – beetje wishful thinking na hier zoveel gepasseerd te zijn. We stoppen even aan Playa de Quitapellejos. We zien al direct dat het niks voor ons is. Grijs zand met honderden campers – allemaal naast elkaar, zo ver we kunnen kijken. Wat je hier leuk aan vindt, is ons een raadsel, maar goed dat blijkbaar velen het prima vinden, anders hadden wij geen plaats op de leuke plekjes. Bon, je kan hier natuurlijk ongestoord aan het strand staan, als dat is wat je zoekt. Wij kiezen uiteindelijk eieren voor ons geld en gaan weer naar ons zalig plekje van vorige episode. Ai, er staat wel meer volk nu. Kijk, het is nog steeds een mooi plekje hoor, alleen was het wel beter…alleen.




’s Avonds ga ik de klif af om wat long exposure foto’s te maken. Dat doet er mij aan denken dat er ook nog foto’s op de Nikon staan. Er komt dus nog wel een Nikon special hierna.

22 januari – Drie dagen bos
Het gebeurt niet vaak dat we ergens drie dagen blijven plakken, maar het plekje dat we nu vonden, was echt wel adembenemend. We zitten aan de kanten van Xàtiva, te midden van de bergen. Zoek maar naar Vía Ferrata L’Aventador. Jup, een klimgebied. Je kan er ook heerlijk wandelen, of zoals vele Spanjaarden doen: picknicken. We maken twee grote hikes door het gebied, telkens met prachtige uitzichten.





Bij hike 2 kregen we een uitzicht over een embalse (stuwmeer) dat me nogal bekend voorkwam. Aha, dat is waar we gestaan hebben met die modelstraaljagers! Grappig, we hadden helemaal niet het gevoel dat we hier al in de buurt geweest waren. Zo zie je maar, ook al zijn we hier al tig gepasseerd, er is altijd wel iets nieuws te ontdekken.
De eerste nacht was erg rustig, maar vanaf de tweede nacht was er meer volk. Op de koop toe een Spanjaard met een wreed stinkend busje. Liet ook vaak z’n motor draaien om de batterij te laden en trakteerde ons ’s morgens op muziek. Op zich geen slechte muziek, typisch Spaans akoestisch gitaarwerk. Maar op de koop toe was die vent nog super sympathiek ook. Hij liet me zien hoe hij zijn van aan ’t ombouwen was en ik was verrast met het contrast met de bouwvallige buitenkant. Ik haat het wanneer irritante mensen sympathiek zijn – dan krijg ik het niet over mijn hart om te zeggen dat ze mij irriteren. Misschien denken andere mensen ook zo over mij?
We rijden naar de Embalse de Tous op aanraden van de Spanjaard. Zo een mondje Spaans praten helpt toch wel. Deze plek krijgt een eervolle vermelding voor potentieel leuke camperplaats, ware het niet dat we ver van de stuwdam waaiden.

Deze zetten we op de lijst om opnieuw te bezoeken als we nog een keer passeren – wanneer er misschien wat minder wind is.
Fast forward naar 29 januari na nog enkele tussenstops. We meeten terug met Wouter die nog steeds rond Castellon hangt. Aan de grote parking van Ermita de Santa Cristina in Artana vinden we een plekje in de zon. Jup, hier stonden we vorig jaar ook al twee nachten. Toen stond de parking afgeladen vol met Spaanse busjes (en waarschijnlijk een paar Duitsers). Nu is er bijna niemand. Wouter zou Wouter niet zijn als hij hier geen oude mijn zou vinden om te bezoeken. Hij heeft het wel druk met meetings, dus we maken met ons twee (+ Moya) de wandeling van 12 km naar de oude mijn.




Omdat Wouter voor het weekend met z’n date afgesproken heeft, verkassen we een stukje dichter bij Castellon. In Benicasim is een grote parking bij de start van een Parque Natural. Nadeel is wel dat het vlak naast de autostrade is, dus dat moeten we er wel even bij nemen. Ondanks de nabijheid van de autoweg, is het er wel prachtig wandelen.

Wouter moet aan z’n Zweedse status denken en haalt de BBQ boven om ons te voorzien van hamburgers. We spelen met z’n vier nog spelletjes in de kamer, vergezeld van een glas wijn.
En ja, daar is mijn verjaardag weer! Die vieren we op ons plekje aan Torre de la Sal, zie ons verhaal over de Zilveren Drol. We vinden dat zo’n sympathiek dorpje… Blijkbaar was m’n verjaardag zo leuk dat ik niet veel foto’s genomen heb. Gelukkig had Nikki er nog eentje op haar telefoon staan. Uiteraard voorzag ze mij van een heerlijk ontbijt en hamburgers voor het avondeten!

6 februari – Vier nozems en een Clio
Voor we het weten zitten we in Frankijk. We willen namelijk nog even genieten van de lagune nabij Perpignan. De lagune staat buiten z’n oevers en de weg staat zo’n 10 tot 20 cm onder water. Je kan er door, maar willen we dat wel? We besluiten om niet helemaal tot het einde te rijden, zo hebben we toch droge voetjes. Tot onze verbazing, is het weer hier ook al behoorlijk mooi en aangenaam. Iets frisser dan over de grens, maar goed genoeg om buiten te zitten tijdens de middaguren.



’t Is natuurlijk weer apero-tijd – we zijn al wat Franse specialiteiten gaan halen – en praten met wat passanten. In het Frans gaat dat toch nog wat vlotter dan in het Spaans.
Terwijl we liggen de ronken, worden we ineens gewekt door een enorme knal – rond half één. We springen slaapdronken uit bed om te zien wat er gaande is. Gelukkig hangt onze buitenisolatie niet voor de voorruit. Een Renault Clio heeft frontaal een betonnen verlichtingspaal geramd, 10 meter van onze Nigel. We zien enkele jonge gasten de bestuurder uit de auto sleuren en hem naast het wrak achter laten. Vervolgens verdwijnen ze in de duisternis. What – the – fuck? We vertrouwen het zaakje natuurlijk niet – misschien is de auto gestolen? Gaan ze daarom lopen? Er komt rook van de auto, we trekken snel wat kleren aan en gaan dan de chauffeur checken, stel dat die Clio nog in brand vliegt… De rook komt gelukkig van de radiator en er is geen brand of lekkende benzine te zien – voor zover we dat kunnen checken met onze zaklampen. De chauffeur is buiten bewustzijn maar reageert toch een beetje op ons. Hij bloedt zo te zien niet ernstig, buiten een hoofdwonde. Terwijl ik de hulpdiensten bel, ontfermt Nikki zich over onze idioot. Idioot omdat de man schijtezat en stoned als een garnaal is – excuse my French.
Het valt niet meer om uit te leggen aan de hulpdiensten waar we zijn, de straat heeft geen naam en we hebben eigenlijk nooit de moeite genomen om te checken in welk dorp we zijn. Blijkbaar in de buurt van Salses-le-Chateau. Gelukkig toont een smartphone de coördinaten wanneer je 112 belt. De vent van de alarmcentrale spreekt geen Engels, dus ik moet het doen met mijn Frans, wat gezien de adrenaline niet helemaal werkt. Ik moet toch eens leren rustig te blijven in zo’n situaties. Makkelijker gezegd dan gedaan. Enfin, ze hebben ons wel gevonden, al duurde het zeker een halfuur eer ze uit Perpignan ter plaatse waren.
Even later kwam één van de inzittenden terug. Hij kende de bestuurder enkel als Coyote, ok die gast leek echt wel op Will E. Coyote van Road Runner. Hij begon precies te beseffen dat het wel heel laf was om te gaan lopen, met z’n maat (of dealer?) KO naast een wrak.

Niet veel later kwamen de andere twee leunend op elkaar ook afgedropen uit de duisternis. De zak die ze uit de koffer genomen hadden, was verdwemen. .’t Zou ons zeker niet verbazen moesten ze enkele ‘bewijsstukken’ verstopt hebben.
In de verte blauwe lichtjes – oef. Eén enkele ambulance – ik had nochtans duidelijk gezegd: “wreed accident” in ’t Frans (cfr. sketch van Urbanus). Ze lieten de rest van de cavalerie komen en daar ging onze nachtrust. Brandweerk, meer ambulances, de MUG en Gendarmerie. Daarna nog de gast van de elektriciteit en een takelwagen. Alle vier afgevoerd naar de kliniek. Enkel de chauffeur was er erger aan toe. Hij had geen gordel aan, gelukkig heeft de airbag van de oude Clio hem ervan weerhouden om een enkele rit door de voorruit te maken.

We waren serieus onder de indruk, we hebben niet veel meer geslapen. Ik denk dat het wrak ook maar pas rond half vier afgesleept was. Die vier hebben hoerechance gehad, ik hoop dat ze het beseffen.
Hier ook een kort artikel over het ongeluk.
7 februari – Rustig door Frankrijk
We nemen ongeveer dezelfde route terug door Frankrijk. We zijn blijkbaar nog steeds serieus onder de indruk van het ongeval. De koplamp van de Clio heeft onze Nigel op een meter gemist toen deze weggeslingerd werd. Wat als die gasten vol op onze bus gereden hadden? Gaan we ooit nog op ons gemak naast de weg kunnen slapen? Dit was nu echt wel een super rustig baantje waar normaal enkele bewoners of watersporters passeren… Al een geluk was er niemand erger gewond, of overleden – dat hadden we helemaal niet goed verteerd. Ik wil nu ook niet overdramatisch gaan doen, we waren tenslotte ongedeerd, maar ik begrijp best waarom slachtofferhulp bestaat.
We rijden lange uren, langs rustige wegen. Het weer zit grotendeels mee – zeker voor begin februari. Onderweg nog een paar mooie stops – maar geen wandelingetjes meer, het is mooi geweest.




Voor we het goed weten, zitten we weer in België. Via Charleroi en Brussel zijn we zo weer in Halle Zoersel, welja, buiten de spits dan.
Het was een echte slow travel reis, op een manier die niet eerder gelukt is. Mede dankzij het weer en het gezelschap. We vinden het prima zo. We hebben een zijde van Spanje gedaan en ons geen moment verveeld. Mede dankzij Wouter en zijn Google Maps capaciteiten en de leuke ontmoetingen met Forger & Owen, Max & Juri en natuurlijk nog vele anderen.
Deze kant van Spanje reden we voorheen nogal snel voorbij, omdat we niet zo houden van de grote toeristische kuststeden. We waren eerder aangetrokken door het zuidelijke Andalusië, denk Tarifa en omstreken. Maar we moeten toegeven dat ook de ganse Oostkust veel te bieden heeft.
Van ons oorspronkelijke plan om via de Atlantische oceaan onder de Pyreneeën door te steken, is niets in huis gekomen. Ook het binnenland was door de koude en natte winter niet zo aantrekkelijk. Het zal dus zeker niet de laatste keer zijn dat wij in Spanje passeren. Maar voor nu, Hasta Luego, España!



weer genoten van je verslag, dankjewel Gert, ik blijf fan van je reisverhalen!
leuk om paar maanden na jullie terugkeer nog eens terug meegenomen te worden!
Toch weer eng om het verslag nog eens te lezen van het ongeval op de terugweg! Jullie(en dus ook wij) hebben zoveel geluk gehad!!!!
Heerlijk zoveel prachtige foto’s